Over

Over Arno Terra

Van huis uit ben ik bedrijfskundige en heb vele jaren als management consultant gewerkt o.a. in de Telecom en de Energiewereld.  De meeste mensen associĆ«ren bedrijfskunde met bedrijfseconomie, maar het gaat eerder over managen en organiseren. Het managen gaat over grip hebben en houden en 'getting things done'. Het organiseren gaat meer over leren, reflecteren en doing the right things.
Momenteel maakt het 'nieuw organiseren' zijn opgang, waarbij er meer aandacht is voor de menselijke maat in organisaties en voor legitimiteitsvraagstukken. Door de automatisering en robotisering zijn er steeds minder arbeiders. We werken tegenwoordig vaker zelfstandig of als zelfstandige en vraagt om andere manieren van samenwerken, van organiseren en van betekenis geven. Nieuw Zorgen is de zorgvariant van het Nieuw Organiseren.

Ik ben in de zorg beland na de geboorte van mijn te vroeg geboren zoon (27 weken) in 2001. In het AMC was men bezig met het invoeren van ontwikkelingsgerichte zorg en dat ging niet zonder slag of stoot terwijl de impact op het welbevinden en de ontwikkelingskansen van deze kwetsbare kinderen enorm was. Vanuit mijn directe betrokkenheid en vanuit mijn veranderkundige professie ben ik zo de voortrekkers van deze vernieuwende zorg gaan ondersteunen. Dat heeft geleidt tot het opzetten van een kenniscentrum prematuren en de invoering van een transmuraal ketenproduct. Dat laatste was mijn kennismaking met ketenzorg. Bij uitstek organisatie-innovatie, maar helaas zelden als zodanig erkend zo sterk was en is men gericht op de inhoud van de zorg en het eigen beroep.
In het TOP programma ondersteunen speciaal daarvoor opgeleide interventionisten de ouders om zo goed mogelijk voor hun kinderen te zorgen. Ze staan de ouders echt bij. Ontwikkelingsgericht werken staat dan ook haaks op het meer gebruikelijke problem based denken met zijn focus op diagnoses en behandelingen. De impact op het welbevinden van de kinderen is enorm, precies wat we ook zien bij goede zorg voor dementerenden. Daarmee kwam ik in aanraking doordat mijn dementerende schoonmoeder in een Herbergier ging wonen, nadat wij als familie haar hadden weggehaald uit een traditioneel verpleeghuis.
Ik ben de ondernemers van de Herbergier gaan bijstaan als coach bij ondernemersvragen en ben me gaan verdiepen in zorgethiek en kwam zo in aanraking met de presentiebenadering en theorie over menslievende zorg. Er  bleken veel raakvlakken met wat ik voor de prematuren had gedaan en er zijn veel raakvlakken met bedrijfskunde via concepten als de lerende organisatie, kennismanagement, organisatieverandering- en ontwikkeling.

Door mijn werk in de corporate wereld ben ik vertrouwd geraakt met het productiedenken. In de zorg leek me dat niet op zijn plaats en die mening ben ik nog steeds toegedaan en gelukkig steeds meer mensen met mij.  Ik wil alleen niet bekritiseren maar vooral vernieuwen. Laten zien dat menswaardige zorg en doelmatigheid samen kunnen gaan en dat zorg ook een moreel perspectief kent. In het doorgeschoten doelmatigheidsdenken was dat perspectief onder het vloerkleed verdwenen, maar dat komt sinds kort (zie rapport ('Zonder context geen bewijs) weer boven water in discussie over goede zorg voor dementerenden en bij de discussie over 'voltooid leven'.  Morele kwesties in de zorg en het leven vragen om dialoog en moeten niet louter overgelaten worden aan beroepsgroepen of beleidsmakers.
Het faciliteren van de dialoog over wat goede zorg is, is een belangrijk deel van mijn werk geworden en daarbij leun ik zowel op de zorgethiek, de bedrijfskunde als op mijn procesvaardigheden.